Ons innerlijk huis

September 2019 -  Soms doe je inspiratie op in of vanuit je eigen geestelijke traditie en spiritualiteit. Soms kun je die vinden in het gedachtegoed van anderen. Zo bladerde ik onlangs in een boekje van de Zusters Benedictinessen van Oosterhout. Daarin schenken ze aandacht aan hun kerkgebouw. Ze doen dat informatief en mediterend onder de noemer ‘Een woning voor God’.
 
In het boekje vond ik zinnen die over kerk en kapel gaan, maar net zo goed veelzeggend zijn over een ander gebouw of huis. Zo staat er te lezen: "Mensen doen de stenen leven, geven het gebouw een ziel, passend bij het doel waarvoor het is opgericht."
Zulke zinnen nodigen me uit om dieper na te denken over ons charisma, over de religieuze waarden in ons leven en praktisch te reflecteren hoe dit alles vandaag vorm kan krijgen.
 
Stenen en gebouwen
Heel veel van onze aandacht en energie is de afgelopen tijd uitgegaan naar stenen en gebouwen. Dat was noodgedwongen en vanzelfsprekend. Er werd verbouwd en gebouwd. We zijn in mei en juni 2019 verhuisd. Het verbouwen en bouwen gaat nog geruime tijd door.
 
Rust
In ons nieuwe verpleeghuis en appartementengebouwen zie en hoor ik dat de rust, na de verhuizingen, enigszins terugkeert. Natuurlijk hebben we te maken met de nodige opstartproblemen. We doen al het mogelijke om daar goed mee om te gaan en met oplossingen te komen.
 
Materiële zaken
Behalve naar stenen en gebouwen gaat veel aandacht, begrijpelijk en terecht, ook uit naar wat ik samenvattend ‘spullen’ noem. Wat moet waar? Wat moet bewaard blijven? Wat kan weg? Wat moet verplaatst worden? Wat werkt wel, wat werkt niet? 
 
Aanwezig zijn
Verderop in het boekje over de abdijkerk lees ik: "In alle eenvoud, in de stilte, nodigt de bidplaats ons uit stil te worden, eenvoudig te worden, de veelheid van woorden en gedachten, de tuimelende beelden in het hoofd tot rust te laten komen in de ruimte van het hart. Komen tot een gezuiverd hart, aanwezig te zijn."
Ik weet heel goed dat onrust en overlast zo diep tot ons kunnen doordringen dat deze diepere laag, dit bijna onbekommerde aanwezig-zijn, nauwelijks nog aan het licht lijkt te kunnen komen.
 
Innerlijk huis
Toch is juist deze diepere laag de vindplaats en bron van rust. Van gelijkmoedigheid, zoals de geestelijke traditie het noemt. Behalve ons uiterlijke huis hebben we een innerlijk huis, een tweede huis om in thuis te komen. Hoopvol kijk ik uit naar mooie ontmoetingen en gesprekken in al onze gebouwen, en naar een gevoel van thuiskomen voor ieder van ons. 
 
Zr. Marie-Thérèse Brinkmann,
Provinciale overste